Die avond gaf Lazarus een feest...
waarop Simon de Farizeeër en enkele anderen van de sekte waren uitgenodigd.
De vrouwen aten in een aangrenzende kamer, die door een traliewerk was gescheiden van de eetzaal voor mannen, maar binnen gehoorsafstand van alles wat Jezus zei.
Hij leerde over geloof, hoop, naastenliefde en gehoorzaamheid. Hij zei dat zij die Hem wilden volgen niet achterom moesten kijken. Ze moeten in praktijk brengen wat Hij leerde, en de beproevingen ondergaan die hen zouden kunnen overkomen, maar Hij zou ze nooit in de steek laten.
Hij zinspeelde opnieuw op het doornige pad dat voor Hem lag, op de slagen en vervolgingen die Hij zou moeten ondergaan, en prentte hen in dat iedereen die zichzelf Zijn vrienden noemde, met Hem zou moeten lijden.
Zijn toehoorders, diep ontroerd, luisterden verwonderd, maar wat Hij zei in zinspeling op Zijn bitter lijden begrepen ze niet goed. Ze namen Zijn woorden niet in hun eenvoudige, letterlijke betekenis, maar beschouwden ze als de figuurlijke uitdrukkingen van profetie.
De aanwezige Farizeeën, hoewel Hem minder gunstig gezind dan de anderen, vonden niets om over te klagen in Jezus' toespraak. Deze keer sprak Hij immers zeer gematigd.
[emmerich]
Geen opmerkingen:
Een reactie posten