Priesters zijn echte deelnemers in Míjn eeuwige priesterschap.
De priester is de hoofdrolspeler, in het Mystieke Lichaam...
van grote feiten en bovennatuurlijke gebeurtenissen.
Priesters moeten hosties/gastheren zijn, om zichzelf te geven...
en zichzelf in brand te steken/te slachtofferen voor de redding van hun broeders.
Het is een zeer ernstige zonde...
om te denken aan het redden van zielen...
met zijn eigen menselijke hulpbronnen van intelligentie en activiteit.
Elke uiterlijke activiteit van de priester die geloof, liefde, lijden en gebed mist...
is nietig, is ijdel.
Het priesterschap is een dienst.
Degene die dient, verschilt van wie bediend wordt.
Hij identificeert zich niet met de mensen die bediend worden.
De priester moet zich onderscheiden van de zielen die hem zijn toevertrouwd.
Zoals de herder verschilt van zijn kudde.
Als de priesters de grootsheid van hun waardigheid zouden zien...
de sublieme bovennatuurlijke kracht waarmee ze bekleed zijn...
(zoals de heilige Franciscus van Assisi dit alles inzag)...
dan zouden ze een groot en devoot respect koesteren...
voor zichzelf en voor hun medepriesters.
Mijn zoon, helaas zoeken sommigen zichzelf. Mij vergeten ze.
Vele anderen gaan met de wereld mee, hoewel ze weten...
dat de wereld niet van God maar van Satan is.
Sommigen verraden Mij.
Anderen vernietigen mijn Koninkrijk in de zielen, door dwalingen en ketterijen te zaaien.
Nog anderen zijn dor door het ontberen van het levenssap van de ziel: de Liefde...
wiens ware ziel het lijden is.
Je moet derhalve bidden en jezelf ofreren/aanbieden...
met een voelbare wederkerigheid/respons op mijn uitnodigingen...
tot eerherstel, tot boetedoening, tot gebed opdat al mijn priesters zich bekeren.
Ja, opdat ze zich bekeren en ieder zijn plaats mag innemen in het Mystieke Lichaam:
Ad Majorem Dei Gloriam [tot meerdere eer en glorie van God]...
en tot heil van de zielen.
[5.5.75]
Geen opmerkingen:
Een reactie posten