'Nadat de duivels als een bende rovers de Heilige zo dikwijls hadden verontrust en bekoord, en nadat de waanzin van het menselijk hart hem met zo talrijke ongerechtigheden had gemolesteerd (opdat het huis, alhoewel op een stevige rots gebouwd, niet zou wankelen onder het geweld van de orkaan)...
bracht de Vader van alle medelijden en de God van alle vertroosting de verdienste van Zijn uitverkorene op een wondere wijze aan het licht, door middel van een plechtige verklaring van een van Zijn profeten.
Er leefde in die tijd in de streek van Mainz een zeer heilige maagd, Hildegard genaamd, een zeer bekende profetes van het Nieuwe Testament. God sprak vertrouwelijk tot haar en openbaarde haar hemelse geheimen. Zij was door de aartsbisschop van Mainz, Hendrik zaliger gedachtenis, door de heilige sluier aan God gewijd.
Hoewel ze niet geletterd was en alleen in de psalmen van David was onderwezen, schreef ze - door de Heilige Geest voorgelicht - dikke boeken over goddelijke orakels en over geheimen die haar waren geopenbaard. Deze geschriften werden door Paus Eugenius III, op voorspraak van de Heilige Bernardus, abt van Clairvaux, in de canon opgenomen en ze hebben een plaats verworven tussen de heilige schriften. Met de lamp van haar heilzame lering was zij in talrijke omstandigheden een licht voor de Heilige Kerk. En zij gaf Haar sterkte, door het zenden van brieven aan verscheidene personen, en verleende de Kerk alle luister door schitterende mirakels.
Toen deze bruid van Christus in een echt visioen
zoals gewoonlijk de Koning en Heer der heren op een troon gezeten zag
en een blik wierp op de onderscheiden rangen en koren van heiligen die bij Hem zaten,
zag zij, tussen de luisterrijke groep van belijders, een schitterende zetel,
door onbeschrijflijke glans omgeven, en wonderbaar versierd.
Toen ze deze zetel zag,
en daarover in hoge mate verwonderd was,
vernam ze, ingelicht door een Goddelijk orakel,
dat deze glorie en deze eer in gereedheid waren gebracht voor de Heilige Gerlach,
die op een dagelijkse bedetocht de Heilige Servatius te Maastricht ging opzoeken.
Door deze openbaring
kreeg de Godgewijde maagd zekerheid aangaande de verdiensten van Gerlach.
Ze ontvlamde in heilige liefde voor hem.
Om hem een teken te geven
dat ze eenmaal voor eeuwig in elkaars gezelschap zouden voortleven en de gelukzaligheid zouden delen, schonk ze hem het kroontje dat ze op de dag van haar wijding van de bisschop had ontvangen. Om van dit voorval te getuigen wordt dit professiekroontje tot op de huidige dag in onze Gerlachuskerk bewaard.'
Geen opmerkingen:
Een reactie posten