Posts tonen met het label emotie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label emotie. Alle posts tonen

vrijdag 29 augustus 2025

karl stern 5




-Jacques Maritain-

'In 1939

werd Karl Stern gedwongen met zijn gezin zijn toevlucht te zoeken in Quebec.

Daar ontmoette hij Jacques Maritain, die hem in contact bracht met pater Marie-Alain Couturier

(een dominicaanse monnik, tevens (glas)kunstenaar!!...

van o.m. de Notre-Dame de Toute Grâce... 

met uitzicht op de Mont Blanc!!).





Karls vrouw, Liselotte von Baeyer (kleindochter van de chemicus...),

was de eerste die zich liet overtuigen.


Op Witte Donderdag 1941 werden ze beiden,

én hun twee kinderen, opgenomen in de katholieke kerk.


Karl Stern twijfelde nog steeds aan zijn morele recht, in 1941,

om de Joodse gemeenschap openlijk te verlaten!





Maar geleidelijk aan...

begreep hij dat het christendom geen ontkenning was,

maar een vervulling: de waarden van het verleden bleven,

net als datgene waarvan men altijd al had gehouden.


De Jood die Christus als zijn Messias aanvaardt, tekent geen verraadpact.

Integendeel, hij vindt alles in Hem, veel meer dan hij ooit had kunnen hopen:

de Vuurkolom, dat was Hij!!


"Ik heb nog maar één ding te doen:

Christus aanvaarden en Zijn sacramenten ontvangen;

daden van Geloof, Hoop en Liefde verrichten

die al het intellectuele en emotionele

overstijgen."'


[bron]

zaterdag 1 juni 2024

iconen 4

'Momenteel (december 2018...)

werk ik aan mijn nieuwe artistieke project - 

THE NEW TESTAMENT WOMAN'




-Julia Stankova-


'Ik ben altijd gefascineerd geweest

door de vrouwelijke aanwezigheid in het evangelieverhaal.


In lijn met de gedachten die aan het begin van de site werden gedeeld,

zou ik ook de ‘nieuw-testamentische vrouw’ willen toevoegen

aan de verloren Bijbelse concepten die ‘opnieuw tot leven zouden moeten worden gewekt’. 


Hoewel vrouwen zelden in de voorhoede van de evangelietekst staan,

zullen we, als we er nader naar kijken, ontdekken dat hun aanwezigheid speciale aandacht krijgt. 

De bijbelschrijver rapporteert eenvoudigweg de feiten en laat het aan ons over

om het portret van de nieuw-testamentische vrouw voor onszelf ‘te schilderen’. 


Daarom vinden we nergens in de tekst een beschrijving van hun uiterlijk,

of zelfs maar een vleugje artistiek commentaar. 


De feiten zijn ruim voldoende om ons te inspireren

ons voor te stellen dat hun prachtige ziel buitengewoon tot bloei komt

in de genadige nabijheid van Christus.


-Verloren schaap-


-Zalving van Christus-


De evangelische vrouw streeft er niet naar

een betere plaats in het koninkrijk van God te verwerven,

maakt geen reclame voor haar aanwezigheid,

gaat niet in discussie. 


Het is voor haar voldoende om haar Heer te volgen,

altijd dicht bij Hem te zijn en Hem te dienen.

Ze is getuige van al Zijn preken en begrijpt snel,

zonder dat uitleg nodig is, de boodschap

in Zijn symbolische taal.


Het geheim van haar snelle geestelijke onderzoek

is dat ze niet zozeer met haar verstand dan wel met haar hart naar Gods woord luistert,

want ze heeft het voorrecht een zuivere ziel en een intelligent hart te bezitten. 

Elke vrouw, geëerd met de blik van Christus,

verandert in een evangelische vrouw. 

De ogen van Christus dringen door

tot de diepste verborgen schat in haar ziel. 


Het zou voor iedereen verborgen zijn gebleven, zelfs voor haarzelf,

als het ongezien was gebleven, niet verlicht door Gods blik.

In Zijn licht herontdekt de vrouw zichzelf

zoals ze oorspronkelijk geschapen was. 


Aldus getransformeerd verkrijgt ze voor een kort moment

het verlangen en de kracht om de kloof te overbruggen

die zonde van heiligheid scheidt.'


[bron]

iconen 2


-Snezhanka Milosheva-


'Ik had het geluk dat de restaurateur Snezhanka Milosheva

mij meenam om haar te helpen in haar restauratieatelier,

waar ik de kans kreeg om Bulgaarse iconen uit de 18e en 19e eeuw,

geschilderd door onbekende iconenschilders,

van dichtbij te zien en aan te raken.


De zuiverheid van het gevoel dat uit deze iconen voortkwam,

inspireerde mij om de Bijbel te gaan bestuderen

en het Byzantijnse beeldsysteem.


Mijn interesse in dit onderwerp

leidde mij jaren later zelfs naar een theologische opleiding 

(Sofia's St. Kliment Ohridski Universiteit, Master in de Theologie 2000).


-Faculteit Godgeleerdheid (Sofia, Bulgarije)-


Toen ik na twee jaar het restauratieatelier verliet,

had ik de techniek van het temperaschilderen op een gegrond houten oppervlak onder de knie,

waardoor ik vanaf dat moment als zelfstandig kunstenaar kon werken.


Ik begon een symbolische beeldtaal te ontwikkelen,

waarbij ik enerzijds werd ondersteund door mijn kennis van het Byzantijnse picturale erfgoed

en anderzijds door het feit dat ik emotioneel aangetrokken werd tot de bijbeltekst.


Studeren aan de Faculteit Godgeleerdheid heeft mij ook veel geholpen.

Het ontrafelen van de boodschappen die in de evangeliegebeurtenissen zijn gecodeerd,

was voor mij een buitengewoon emotioneel proces.




Van elk handjevol van deze schat

heb ik een afbeelding gemaakt.


Toen ik de genezing van de blind geboren man schilderde,

keek ik met hem mee.


Ik kwam weer tot leven

samen met de opgestane Lazarus.


Ik ging achter de discipelen van Christus aan staan

​in de hoop dat Christus ook mijn voeten zou wassen...


Zo werd ik beetje bij beetje, terwijl ik beelden creëerde,

geraakt door de genezende handen van Christus.



De intellectuele en emotionele delen

van mijn persoonlijkheid werden met elkaar verzoend.


En ik kreeg de nodige geestelijke veerkracht

om me tot het Oude Testament te wenden

– een tegenstrijdig en zelfs wreed geschrift in zijn waarheid,

waar de menselijke natuur in al zijn kracht en schoonheid wordt onthuld.



Deze emotionele studie van de Bijbel

versnelde de opkomst van een nieuwe iconografie

van enkele Bijbelse gebeurtenissen.


In welke richting ik tot op de dag van vandaag nog steeds werk. 

Ondertussen heb ik door de jaren heen een unieke laktechniek ontwikkeld

op basis van de traditionele iconenschildertechniek op hout.


[bron]

maandag 22 mei 2023

rozenkrans-tuin 1



Mijn lieve kinderen...

Vandaag ben ik blij je te vinden in dit heilige Woud van Contemplatie... 

een door Mij gezegende plek - want dertig jaar lang, was je Hemelse Moeder een trouwe getuige van de innerlijke offers en al de waken die hier uit liefde werden gehouden, voor de mensheid en voor jullie redding.

Om die reden kom ik vandaag, zoals ik jullie heb getoond, dit bos renoveren en opnieuw inwijden met de naam 'Woud van Harmonie en Contemplatie', als een nieuwe uitbreiding van het Mariacentrum Figueira.



Hier zullen alle Mysteries van de Heilige Rozenkrans worden opgericht... 

d.m.v. kleine altaren, die zo zullen worden gebouwd dat zielen er alle gebeurtenissen en mysteries in het leven van de Heilige Familie kunnen overdenken.

Het Woud van Harmonie en Contemplatie zal de ruimte zijn die wordt aangeboden aan de zielen van pelgrims en al degenen die hier wonen, zodat ze de Genade kunnen herontdekken om zich geliefd te voelen door God door het bidden van de Mysteriën van de Heilige Rozenkrans.



Het Woud van Harmonie en Contemplatie zal zielen ook leiden, in het huidige gebied van de Oca-hut, om voor een meertje te zijn, met in het midden het beeld dat ze mij vandaag op het altaar hebben aangeboden.

Om dit mogelijk te maken, en gezien de urgentie van zulke ruimte, roept je ​​Hemelse Moeder alle godgewijde Kinderen van Maria op, om voor deze heilige plaats te zorgen.



Ik zou ook willen dat onder elk altaar gewijd aan de mysteries van de Heilige Rozenkrans kleine tuintjes met banken komen, zodat er in elk seizoen ruimte is voor contemplatie.

Van mijn kant hoop ik ook, dat er in het meer van je Heilige Vrouwe verschillende plantensoorten te zien zullen zijn, en een watervalletje, een fontein, zodat zielen de genade kunnen ontvangen om hun emoties te genezen.


Als dit wordt voltooid zoals ik heb gevraagd... 

dan beloof ik dat dit nieuwe deel van het Mariacentrum... 

een ​​plaats van zegeningen en wonderen zal zijn... 

voor ieder die hier met geloof komt.


Ik dank je voor het reageren op Mijn oproep!

Die jullie zegent, je Moeder, de Maagd Maria, 

Roos van Vrede en Vrouwe van het Heilige Woud van Figueira


[20.5.23]

donderdag 9 februari 2023

bethlehem -iv-



Tot nu toe reisden Maria en Jozef niet over grote wegen. 

Hoewel ze verschillende handelsroutes doorkruisten die van de Jordaan naar Samaria liepen en naar de wegen die van Syrië naar Egypte leiden. 

Nee, tot nu toe waren de wegen waarover ze kwamen, met uitzondering van die ene brede, erg smal en liepen ze over de bergen. Je moest heel voorzichtig zijn bij het lopen, maar het ezeltje kon veilig zijn weg vinden. 

Dan zag ik de reizigers aankomen bij een huis waarvan de eigenaar aanvankelijk onbeleefd was tegen Jozef. Hij wierp het licht op Maria's gezicht en grapte tegen Jozef dat hij zo'n jonge bruid had. Maar de vrouw van de man nam hen in huis, gaf hen onderdak in een bijgebouw, en bood hen wat broodjes aan.

-

Toen ze deze plek verlieten... 

zochten ze vervolgens onderdak in een grote boerderij... 

waar ze ook niet bijzonder hartelijk werden ontvangen. 

De herbergiers waren jong en schonken weinig aandacht aan Maria en Jozef. Dit waren geen eenvoudige herders, maar rijke boeren, zoals wij die hier [in Coesfeld en Dülmen] hebben, in belsga genomen door de wereld, de handel enz. 

Ik zag een oude man met een wandelstok door het huis lopen. 

-

Vanaf hier hadden ze nog zeven uur reizen naar Bethlehem... 

maar ze namen niet de rechtstreekse route daarheen, omdat het bergachtig was en in dit seizoen te moeilijk. Ze volgden de kleine ezelin door het land tussen Jeruzalem en de Jordaan. 

En ik zag ze rond het middaguur aankomen bij een groot herdershuis, ongeveer twee uur van Johannes doopplek aan de Jordaan. Jezus bracht daar eens een nacht door, na zijn doop. 

Bij dat herdershuis was nog een ander, voor het boerderij- en schaapsgerei, en op het erf was een bron van waaruit het water via leidingen naar badkuipen werd geleid. Er was hier een grote publieke ruimte, en het aantal bedienden dat er hun maaltijden gebruikte, ging en kwam. 

De herbergier ontving de reizigers heel vriendelijk, en hij was zeer gedienstig. Hij stond erop dat een van de bedienden de voeten van Jozef bij de bron zou wassen. Hij voorzag hem ook van verse kledingstukken, terwijl hij de uitgetrokken kleding aan het luchten en borstelen was.

Een dienstmaagd bewees Maria dezelfde diensten, want de vrouw des huizes was gebrekkig in haar verschijning, ze leefde teruggetrokken. Zij was dezelfde die Jezus later genas van 'een ziekte van dertig jaren.' Hij vertelde haar daarbij dat die ziekte haar was overvallen als straf, voor haar gebrek aan gastvrijheid jegens Zijn familieleden. 

-

Maar ik weet de reden... 

waarom ze niet bij Maria en Jozef is verschenen. 

Ze was jong en nogal frivool. Ze had een blik op de Heilige Maagd opgevangen, had misschien een woord tegen haar gesproken, ik herinner me nu niet alle omstandigheden, en had een gevoel van jaloezie opgevat, vanwege haar schoonheid. Het was om díe reden dat ze zich bij deze gelegenheid afgezonderd hield. 

Er waren enkele kinderen in huis.




Bij hun vertrek rond het middaguur... 

werden Maria en Jozef een deel van de weg vergezeld door enkele mensen van de herberg. 

Ze trokken westwaarts naar Bethlehem en kwamen na een reis van ongeveer twee uur aan bij een klein dorp dat bestond uit een lange rij huizen met tuinen en binnenplaatsen, aan weerszijden van een brede hoofdweg. 

Jozef had hier connecties zoals die voortgekomen uit het tweede huwelijk van een stiefvader of stiefmoeder. Hun huis was prachtig gelegen en erg mooi. Maar Maria en Jozef gingen er niet naar binnen. Ze doorkruisten de plaats en gingen een half uur rechtdoor in de richting van Jeruzalem... 

toen ze bij een herberg kwamen... 

waar een menigte was verzameld voor een begrafenis. 

De kozijnwanden in het huis waren voor de schoorsteen en de haard verwijderd. De open haard was met zwart gedrapeerd en ervoor stond een kist die in dezelfde sombere tint was gehuld. De mannelijke rouwenden droegen lange zwarte gewaden, met korte witte eroverheen, en sommigen hadden ruwe, zwarte manipels op hun armen. Allen waren aan het bidden. 

In een ander vertrek zaten de vrouwen geheel gehuld in hun grote sluiers. 

Er was in de tuin een grote fontein met verschillende kranen. 



De eigenaren van het huis, die de zorg voor de begrafenis op zich namen, lieten het aan de bedienden over om Maria en Jozef te ontvangen. Dit werd dienovereenkomstig gedaan en de gebruikelijke diensten werden bewezen aan de heilige reizigers. 

Tapijten, of matten, werden van hun rollen bij het plafond neergelaten, en er werd een ruimte met gordijnen voor hen ingericht. 



Na enige tijd... 

zag ik de mensen van het huis met hen in gesprek. 

De witte kleren waren terzijde gelegd. Ik zag heel veel bedden tegen de muren opgerold. Ze konden volledig van elkaar worden gescheiden door middel van de matten die vanaf de plafonds naar beneden kwamen. 

De volgende ochtend vroeg vertrokken Maria en Jozef weer. De goede vrouw des huizes vertelde hen dat ze mochten blijven, omdat Maria ieder uur kon gaan bevallen. Maar Maria zei met neergelaten sluier dat ze nog zes- of achtendertig uur had. De vrouw wilde hen toch graag houden, maar niet in haar eigen huis. 

-

Ik zag de echtgenoot, terwijl Jozef en Maria vertrokken, met Jozef nog praten over zijn beesten. Jozef prees de ezel zeer, en vertelde hem dat hij de andere had meegenomen voor het geval dat het nodig was. 

Toen de mensen zeiden dat het moeilijk was om in Bethlehem onderdak te krijgen, antwoordde Jozef dat hij daar vrienden had en dat Maria en hij zeker goed zouden worden ontvangen. 

Dit gaf me zo'n medelijden. 

Jozef sprak hier altijd met zoveel vertrouwen over. 

Ik hoorde hem onderweg hetzelfde opmerken tegen Maria.



Het gebeurde zo op de laatste dagen van de reis... 

toen ze Bethlehem naderden... 

dat Maria smachtte naar rust en verfrissing. 

Jozef week een half uur van de weg af... 

naar een plek waar hij, bij een eerdere gelegenheid, een prachtige vijgenboom met fruit had ontdekt. 

Er stonden stoelen omheen, waar vermoeide reizigers op konden rusten. 

Maar toen ze daar aankwamen, ontdekten ze tot hun grote teleurstelling dat hij op dat moment behoorlijk verstoken van vruchten was. 

In latere jaren gebeurde er iets in verband met Jezus, in de buurt van die boom. 

Hij droeg nooit meer fruit, hoewel hij groen bleef. 

Jezus vervloekte hem, en hij verschrompelde.


[emmerich]