zaterdag 8 augustus 2026
sint-donatus 1
dinsdag 21 april 2026
anselmus 1
Anselmus van Canterbury (1033-1109)
was afkomstig uit een adellijke familie in Aosta, Piemonte, in Noord-Italië.
Vanwege onenigheid met zijn vader, had hij al jong zijn geboortegrond vaarwel gezegd.
Hij kwam terecht in de abdij van Bec (nabij Lisieux) in Normandië.
Daar werd hij eerst benoemd tot prior,
en vervolgens gekozen tot abt.
In die periode fungeerde hij als geestelijk leidsman van Ida van Boulogne,
de moeder van Godfried en Boudewijn van Bouillon.
In 1093 trad hij aan als aartsbisschop van Canterbury.
Ook in die periode bleef Ida briefcontact met hem onderhouden.
Uit die tijd zijn door zijn leerling en biograaf Eadmer enkele anekdotes overgeleverd
die een mooi beeld geven van zijn typische manier van denken.
Eadmer was er blijkbaar telkens zelf bij.
Zie hiervoor de volgende stukjes!
[bron]
woensdag 15 april 2026
majellakerk 2
in-druk-wek-kende
heilige !!
zondag 14 september 2025
paul k.t. sih 4
'In 1934 (25 jaar oud)
- tijdens een verblijf in Italië -
ontdekte Sih het concrete gezicht van de katholieke kerk:
de schoonheid van de kathedralen en basilieken,
maar bovenal de "schoonheid van de heiligheid".
Hij las Dante
en raakte geleidelijk vertrouwd met de grote Italiaanse heiligen:
Franciscus van Assisi, Catharina van Siena, Johannes Bosco,
Ambrosius van Milaan, Thomas van Aquino, enz.:
"De persoonlijkheden van deze heiligen, hun heldhaftige geest van onthechting en van gehoorzaamheid aan Christus, oefenden een diepe, zij het onbewuste, invloed op mij uit... Zij weefden langzaam een spirituele basis in mijn geest en hart."
In 1939 (30 jaar oud)
ontmoette hij een Chinese man
die een parallel pad als het zijne had gevolgd:
John Ching Hsiung Wu (1899-1986, hoofdauteur van de Chinese Grondwet van 1947).
Ook hij was opgeleid in de school van Confucius, en toendertijd gefascineerd door christelijke heiligheid (met name die van de kleine Normandische karmelietes Thérèse van Lisieux, die hij liefkozend "het bloemetje" noemde).
Sih bewonderde de eenvoudige en vredige vreugde
die de hele familie Wu (hijzelf, zijn vrouw en hun dertien kinderen) uitstraalde. Hij vond het heerlijk om hen 's avonds als gezin de rozenkrans te zien bidden.
Naar hun voorbeeld raakte hij geïnteresseerd in H. Theresia. Hij las haar autobiografie (Verhaal van een ziel). Zo vond hij - eindelijk - onder de heiligen van de katholieke kerk het "antwoord op de problemen rond het Hiernamaals, die Confucius zo angstvallig had vermeden."'
[bron]